Twintig jaar geleden was de vraag hoe een ondernemer zijn bedrijf financierde nauwelijks een vraag. Hij ging naar zijn bank, legde de cijfers op tafel en kreeg een krediet of niet. Die vanzelfsprekendheid is verdwenen. Banken zijn na de financiële crisis voorzichtiger geworden, de regels voor hun kapitaal zijn strenger en kleine kredieten zijn voor hen relatief duur om te beoordelen. In het gat dat daardoor ontstond, zijn tientallen andere financiers gestapt. Voor wie ondernemers adviseert, is kennis van dat landschap geen specialisme meer maar basisbagage.

Waarom de bank niet meer de enige is
De verschuiving heeft verschillende oorzaken die elkaar versterken. De eerste is regelgeving: banken moeten meer eigen vermogen aanhouden tegenover hun leningen, en dat maakt vooral kleinere en risicovollere kredieten minder aantrekkelijk. De tweede is de kostenstructuur. Een kleine aanvraag kost een bank ongeveer even veel beoordelingswerk als een grote, maar levert minder op. De derde oorzaak is technologie. Online platforms kunnen aanvragen sneller en goedkoper beoordelen, en ze hebben geen kantorennetwerk dat betaald moet worden.
Het gevolg is dat vooral starters, snelgroeiende bedrijven en ondernemers met weinig onderpand steeds vaker buiten de bank terechtkomen. Niet omdat hun plannen slecht zijn, maar omdat ze niet passen in het profiel dat een bank efficiënt kan bedienen.
Het landschap in grote lijnen
De term niet-bancaire financiering dekt een breed terrein. Crowdfunding laat een groep particulieren en bedrijven samen een lening verstrekken of aandelen kopen, via een platform dat de aanvraag beoordeelt en de betalingen afhandelt. Factoring lost een ander probleem op: een bedrijf verkoopt zijn openstaande facturen aan een financier en krijgt direct het grootste deel van het geld, in plaats van te wachten tot de klant betaalt. Lease maakt het mogelijk om machines, voertuigen of apparatuur te gebruiken zonder ze te kopen, waardoor het werkkapitaal vrij blijft.
Daarnaast zijn er financiers die rechtstreeks leningen verstrekken, vaak met geld van institutionele beleggers, een vorm die direct lending wordt genoemd. Kredietunies zijn coöperaties waarin ondernemers uit een regio of branche elkaar financieren en begeleiden. Voor bedrijven die groter zijn, bestaat een mkb-beurs waar obligaties of aandelen aan beleggers kunnen worden uitgegeven. Durfkapitaal richt zich op bedrijven met een hoog risico en een hoog groeipotentieel, waarbij de investeerder aandelen krijgt in plaats van rente. En dan zijn er nog de regionale ontwikkelingsmaatschappijen, subsidies en borgstellingsregelingen van de overheid, die vaak worden gebruikt in combinatie met andere vormen.
Die combinatie is misschien wel het belangrijkste kenmerk van de nieuwe markt. Steeds vaker wordt een bedrijf gefinancierd met een stapel: een deel bank, een deel lease, een deel crowdfunding, een deel eigen inbreng.
Wat het van adviseurs en ondernemers vraagt
Elke financieringsvorm heeft eigen voorwaarden, een eigen kostenstructuur en eigen risico’s. Factoring is snel maar heeft gevolgen voor de relatie met klanten. Crowdfunding brengt publiciteit met zich mee, gewenst of niet. Durfkapitaal betekent dat je zeggenschap deelt. Wie een ondernemer begeleidt, moet die afwegingen kunnen uitleggen en moet weten welke vorm bij welke fase en welk doel past.
Dat vraagt om kennis die de meeste accountants, boekhouders en bedrijfsadviseurs niet in hun opleiding hebben meegekregen, simpelweg omdat de markt toen nog niet bestond. Een korte kennismaking met non bancaire financiering is dan een logisch begin. FOI biedt daarvoor een e-learning aan van ongeveer een uur, die online en op elk moment te volgen is en die de belangrijkste vormen langsloopt: crowdfunding, factoring, lease, de mkb-beurs, non-bancaire kredieten en leningen, durfkapitaal, direct lending, de kredietunie en de overige vormen zoals regionale ontwikkelingsmaatschappijen en subsidies. De opzet combineert theorie met praktijkvoorbeelden en vragen, en levert een digitaal deelnamecertificaat en een PE-punt in categorie B op. De doelgroep is bewust breed gehouden: iedereen die met zakelijke financiering te maken krijgt, inclusief ondernemers en starters zelf.
Een markt die volwassen wordt
Het beeld van een wilde westen, met platforms die kwamen en gingen, klopt steeds minder. Er is toezicht op crowdfundingplatforms, brancheorganisaties hebben gedragscodes opgesteld en de grotere partijen bestaan inmiddels lang genoeg om een reputatie te hebben. Tegelijk blijft het een markt waarin de ondernemer zelf meer moet weten dan vroeger, omdat er geen accountmanager meer is die alles uitzoekt.
FOI positioneert zich als opleider in finance en vastgoed en behandelt in het finance-aanbod ook jaarrekeninganalyse, kasstroomanalyse en financieringsadvies, de onderwerpen waar een goed financieringsgesprek uiteindelijk op rust. Want welke financier er ook aan tafel zit, de vraag blijft dezelfde: kan dit bedrijf de verplichting dragen die het aangaat. Het antwoord daarop komt niet uit het aanbod van financiers, maar uit de cijfers van de onderneming zelf.
